
Meet and Greet | Deel 4
Door Lisanne Lejeune
Wanneer ik met Olga Dekker spreek, begrijp ik al snel waarom mensen haar “de moeder van de stichting” noemen. Al 25 jaar is zij het kloppend hart van Stichting Holland-Oekraïne. Ze waakt, verbindt, troost en regelt. Altijd op de achtergrond, maar onmisbaar.

Olga werd geboren in Cherson, in het zuiden van Oekraïne, niet ver van de Krim en de Zwarte Zee. Ze groeide op met twee broers, verloor haar vader op jonge leeftijd en zag hoe haar moeder het gezin alleen overeind hield. Ze werd juf, later zelfs directrice van een kleuterschool. Zorg dragen zit in haar natuur.
Voor de liefde kwam ze naar Nederland. Ze leerde de taal, bouwde hier een nieuw leven op, maar haar hart bleef in Oekraïne. “Ik begrijp de mensen hier die gevlucht zijn,” zegt ze. “Ik bén één van hen.” Ze helpt Oekraïense gezinnen die in Nederland worden opgevangen, vertaalt, legt uit, stelt gerust. Ze spreekt zowel Oekraïens als Russisch en kent de gevoeligheden. Juist dat maakt haar zo’n belangrijke schakel.
Ze hoorde voor het eerst over de stichting in 1999, bij de grens tussen Polen en Oekraïne. Met een bus vol hulpgoederen en papieren die niet helemaal op orde waren, ontmoette ze daar Dick Nijssen. Hij vroeg haar om hulp bij de grensformaliteiten. Wat begon met een spontane vertaling groeide vanaf het jaar 2000, toen Dick haar bij de Stichting betrok, uit tot een jarenlange samenwerking en diepe verbondenheid.

Vanaf dat moment reed Olga mee met hulpkonvooien. Soms met vijftien, soms zelfs met eenentwintig vrachtwagens tegelijk. Ziekenhuisbedden, medische apparatuur, schoolspullen, kleding, voedsel, alles werd persoonlijk afgeleverd, onder meer in Cherson en op de Krim. Dick hield van Oekraïne. Olga werd zijn vertrouweling, zijn tolk, zijn kompas. “Hij beschermde me,” zegt ze. “Hij had een klein hartje.”
De oorlog maakte alles persoonlijker dan ooit. Haar vriendin en petekind wonen in Moskou en daarmee verloor ze het contact. Familieleden kwamen vast te zitten in bezet gebied. Haar broer maakte de verwoesting na de damdoorbraak in 2023 van dichtbij mee en zat wekenlang opgesloten in zijn overstroomde huis voordat hij wist te vluchten. Olga vertelt het rustig, maar de beelden zijn rauw. Tegelijk spreekt ze ook over Russische vrijwilligers die hielpen bij de ontsnapping. “Er zijn altijd mensen met een goed hart,” zegt ze.

Toen Dick overleed, viel het werk van de stichting even stil. De dag vóór zijn dood kwam hij nog naar de loods om te kijken hoe alles verliep. Hij wilde in mei weer mee op transport. “Ik weet zeker dat hij afscheid kwam nemen,” zegt Olga zacht. Zijn zoon zette het werk voort, en na nieuwe media-aandacht kwam er opnieuw steun. Donaties stroomden binnen, onder andere van HEMA en Rabobank. En van Omroep Max ontvingen de Stichting een eerste donatie van 250 generatoren. Maar ook warme kleding, medische hulp, voor de mensen die het zo hard nodig hebben. Het konvooi rijdt weer.

Voor Olga is de stichting geen vrijwilligerswerk. Het is haar leven. Ze kent de adressen, de ziekenhuizen, de gezinnen. Ze weet wie waar hulp nodig heeft. En ze blijft gaan. Voor haar familie. Voor haar vaderland. Voor de belofte aan Dick.
“Zolang we mensen kunnen helpen, gaan we door,” zegt ze vastberaden.
En terwijl ze dat zegt, zie je het: zij is de brug tussen twee landen. Moeder van de stichting. Dochter van Oekraïne. Het hart dat blijft kloppen – voor daar én voor hier. 💛💙